Open renovatieconcept · Woningcorporaties

Aardgasvrij op 1 fase is geen aanname meer. Het is gemeten.

Een dataset van 368 aardgasvrije woningen met een warmtepomp is een jaar lang elke vijf minuten gemeten. Het overgrote deel bleef die hele periode binnen de grenzen van een 1 × 35 A-aansluiting — zonder extra maatregelen.

319
van de 368 gemeten woningen

bleven een heel jaar lang binnen een 1 × 35 A-aansluiting. Bij elk van de 49 woningen die er wél overheen ging, was er een aanwijsbare oorzaak.

Bron: Techniek Nederland & Stroomversnelling, All-electric binnen de bestaande aansluiting, juli 2026

De omslag

Van verzwaren naar beter benutten.

Wie een woning verduurzaamde, koos tot voor kort bijna altijd voor een zwaardere aansluiting: van 1 × 25 A of 1 × 35 A naar 3 × 25 A. Die keuze was logisch — en is niet langer vanzelfsprekend.

Tot 1 juli kreeg ieder huishouden zo’n verzwaring nog automatisch toegekend. In gebieden waar het stroomnet vol zit — inmiddels een groot deel van Nederland — komt een aanvraag sindsdien op een wachtlijst, net als een aanvraag voor een nieuwe aansluiting. Het kan jaren duren voordat een aansluiting daadwerkelijk verzwaard wordt.

Bron: Techniek Nederland & Stroomversnelling, All-electric binnen de bestaande aansluiting, juli 2026

Verduurzamen binnen de bestaande aansluiting wordt de komende jaren het nieuwe normaal.

Techniek Nederland & Stroomversnelling, juli 2026
1 januari 2027

Einde salderingsregeling

Eigen zonnestroom zelf gebruiken wordt voordeliger dan terugleveren.

1 januari 2029

Tarieven per moment van de dag

Netbeheerders gaan naar verwachting werken met tarieven die per moment van de dag verschillen.

Luchtfoto van een Nederlandse woonwijk met rijen grondgebonden eengezinswoningen, aan de rand van open akkerland.
Wat het net ziet

Niet één woning. Een straat, tegelijk.

De meetgegevens

368 woningen, een jaar lang, elke vijf minuten.

Stroomversnelling bouwde de Energietransitiedataset op uit data van Watch-E en O-Nexus: ongeveer 400 aardgasvrije woningen met een eigen warmtepomp en zonnepanelen, verdeeld over tien projecten. Nieuwbouw én bestaande bouw, vooral rijwoningen, vooral goed geïsoleerd — maar met matig tot slecht geïsoleerde woningen ertussen.

Van 368 daarvan is doorgerekend hoe vaak de woning over de grens van haar aansluiting zou gaan. Hieronder staat elke woning als één vierkantje. Wissel de grens om en het veld verandert mee.

Bleef het hele jaar binnen de grensGing er minstens één keer overheen
49 / 368over de grens bij 1 × 35 A

Bij alle 49 is er een duidelijke, aanwijsbare oorzaak.

161 / 368over de grens bij 1 × 25 A

Ruim de helft blijft ook dan binnen de grens. Bij een deel van de rest is de oorzaak aanwijsbaar, bij een aantal woningen niet.

5 min.meetinterval, een vol jaar

Geen jaartotalen, maar het moment waarop de vraag daadwerkelijk piekt.

Waar de overschrijdingen vandaan komen

Een laadpaal

Woningen met een laadpaal gaan er regelmatig overheen. Elektrisch laden is de belangrijkste aanwijsbare oorzaak.

Een te grote warmtepomp in een slecht geïsoleerde woning

Vooral in combinatie met een slechte afstelling, of een storing waardoor het elektrische back-upelement bijspringt. Dat element verbruikt veel stroom.

Te voorkomen bij het ontwerp

Beide oorzaken zijn te voorkomen door de installatie vooraf goed te ontwerpen en in te regelen.

Bron: Techniek Nederland & Stroomversnelling, All-electric binnen de bestaande aansluiting, juli 2026

Veruit de meeste woningen kunnen, bij een goed ontworpen en ingeregelde installatie, verduurzaamd worden met een all-electric warmtepomp binnen een 1 × 35 A-aansluiting.

Conclusie uit de whitepaper, juli 2026
Aansluitingen in Nederland

Meer dan de helft van de huishoudens zit al op één fase.

Naar schatting heeft ongeveer een derde van de woningen een 3 × 25 A-aansluiting. Meer dan de helft van de Nederlandse huishoudens heeft een 1 × 25 A- of 1 × 35 A-aansluiting.

In de meterkast zitten beveiligingen die ervoor zorgen dat een woning niet meer stroom gebruikt dan zij aankan. Gebeurt dat toch, dan slaat eerst de stop in de groepenkast af. Vraagt de woning daarna nog te veel, dan schakelt als laatste de hoofdzekering van de netbeheerder uit. Dat voorkomt schade aan de aansluiting en aan het net.

Het knelpunt is dus niet het jaarverbruik, maar het vermogen dat op één moment wordt gevraagd.

Bron: Techniek Nederland & Stroomversnelling, All-electric binnen de bestaande aansluiting, juli 2026

Open groepenkast met een rij installatieautomaten en aangesloten leidingen.
Waar de grens wordt bewaaktGroepenkast → hoofdzekering
Wat past op de aansluiting

Kies de aansluiting van de woning.

De meterkast of de jaarnota van de energieleverancier vertelt welke aansluiting een woning heeft. Geeft dat geen uitsluitsel, dan is het op te vragen bij de regionale netbeheerder. De tabel hieronder verandert mee.

Hier komt het nauwkeuriger. Een warmtepomp met een inductiekookplaat is in veel gevallen passend, maar niet altijd. De combinatie van een all-electric warmtepomp met elektrisch laden is niet aan te raden.

Wat past op een 1 × 25 A-aansluiting
InstallatieWat pastElektrische aansluiting
WarmtepompTot 6 kW thermischéénfase 16 A
InductiekookplaatBasis, tot 4 pittenéénfase 16 A
ZonnepanelenTot 3,7 kW piekvermogenéénfase 16 A
LaadpaalTot 3,7 kW piekvermogenéénfase 16 A
BatterijTot 3,7 kW piekvermogenéénfase 16 A

Wat de aansluiting aan warmtepomp draagt

Aan te raden maximaal thermisch vermogen
6 kW thermisch
Maximaal warmteverlies van de woning bij A-10/W35
Tot 5 kW thermisch
Maximaal warmteverlies van de woning bij A-10/W55
Tot 4 kW thermisch

De ‘A’ staat voor de buitentemperatuur, de ‘W’ voor de aanvoertemperatuur van het afgiftesysteem. Bij een hogere afgiftetemperatuur heeft de warmtepomp een lager rendement. Deze waarden gaan uit van lucht-water warmtepompen; bodemwarmtepompen vragen bij hetzelfde thermisch vermogen doorgaans minder stroom.

Indicatie per woningtype — 1 × 25 A
0 – 75 kWh/m²
bouw vanaf 2014, goed geïsoleerd
75 – 100 kWh/m²
bouw 1991 – 2014, redelijk geïsoleerd
> 100 kWh/m²
bouw vóór 1991, matig geïsoleerd
0 – 80 m²
vaak appartement
All-electric passendAll-electric passendAll-electric in veel gevallen passend
0 – 120 m²
vaak eengezins
All-electric passendAll-electric in veel gevallen passendEerst aandacht voor all-electric ready maken
120 – 200 m²
vaak 2-onder-1-kap of vrijstaand
All-electric in veel gevallen passendEerst aandacht voor all-electric ready makenEerst aandacht voor all-electric ready maken

Bij een 1 × 25 A-aansluiting moet nauwkeurig bepaald worden of verduurzaming naar een all-electric warmtepomp mogelijk is. Regeltechniek is daarbij in ieder geval nodig, om te voorkomen dat de woning over de capaciteit van haar aansluiting heen gaat.

Een warmtepomp met een inductiekookplaat is in de meeste gevallen mogelijk. De combinatie met elektrisch laden kan alleen met (dynamische) load balancing.

Wat past op een 1 × 35 A-aansluiting
InstallatieWat pastElektrische aansluiting
WarmtepompTot 8 kW thermischVaak éénfase 16 A, kan ook een éénfase fornuisgroep (32 A) vragen
InductiekookplaatRuim, tot 6 pittenéénfase fornuisgroep (32 A)
ZonnepanelenTot 7,2 kW piekvermogenTwee keer éénfase 16 A
LaadpaalTot 7,2 kW piekvermogenTwee keer éénfase 16 A
BatterijTot 7,2 kW piekvermogenTwee keer éénfase 16 A

Wat de aansluiting aan warmtepomp draagt

Aan te raden maximaal thermisch vermogen
8 kW thermisch
Maximaal warmteverlies van de woning bij A-10/W35
Tot 7 kW thermisch
Maximaal warmteverlies van de woning bij A-10/W55
Tot 5 kW thermisch

De ‘A’ staat voor de buitentemperatuur, de ‘W’ voor de aanvoertemperatuur van het afgiftesysteem. Bij een hogere afgiftetemperatuur heeft de warmtepomp een lager rendement. Deze waarden gaan uit van lucht-water warmtepompen; bodemwarmtepompen vragen bij hetzelfde thermisch vermogen doorgaans minder stroom.

Indicatie per woningtype — 1 × 35 A
0 – 75 kWh/m²
bouw vanaf 2014, goed geïsoleerd
75 – 100 kWh/m²
bouw 1991 – 2014, redelijk geïsoleerd
> 100 kWh/m²
bouw vóór 1991, matig geïsoleerd
0 – 80 m²
vaak appartement
All-electric passendAll-electric passendAll-electric passend
0 – 120 m²
vaak eengezins
All-electric passendAll-electric passendAll-electric in veel gevallen passend
120 – 200 m²
vaak 2-onder-1-kap of vrijstaand
All-electric passendAll-electric in veel gevallen passendEerst aandacht voor all-electric ready maken

Bij een 3 × 25 A-aansluiting of groter is er in de meeste gevallen voldoende ruimte voor een warmtepomp, een inductiekookplaat én een laadpaal.

Dit instrument is gemaakt voor de éénfase-aansluitingen, want daar zit de vraag. Ongeveer een derde van de Nederlandse woningen heeft al een driefase-aansluiting; daar gaat het niet meer over de vraag of het past, maar over hoe slim het vermogen gebruikt wordt.

Bron: Techniek Nederland & Stroomversnelling, All-electric binnen de bestaande aansluiting, juli 2026. De indicaties per woningtype zijn overgenomen uit die publicatie; het gaat daar nadrukkelijk om een indicatie, geen toezegging.

Warmteverlies

Hoe groot de warmtepomp moet zijn, bepaalt de woning — niet de catalogus.

Slecht geïsoleerde en grotere woningen hebben een hoger warmteverlies. Meestal is het verstandig om dat eerst te beperken: de woning kan dan toe met een kleinere warmtepomp, en dat levert meteen een lager energiegebruik, een lagere rekening en meer comfort op.

01

Berekening volgens NEN-EN 12831

Een theoretische warmteverliesberekening. Dit doet meestal een installateur of adviseur, en het is de meest nauwkeurige route.

02

Meten op een koude dag

Neem het gasverbruik op een heel koude winterdag. Vermenigvuldig het aantal m³ met 9 om tot kWh thermisch te komen, trek daar 5 kWh vanaf voor warm tapwater, en deel door 24.

(m³ × 9 − 5) ÷ 24 = kWthermisch
03

De Koevlaas-methode

Een vuistregel die een indicatie geeft van het vermogen dat een warmtepomp voor een woning ongeveer nodig heeft.

jaarlijks gasverbruik (m³) × 8 ÷ 1650 = kWthermisch

Bron: Techniek Nederland & Stroomversnelling, All-electric binnen de bestaande aansluiting, juli 2026

Praktijk

Dertien dingen die het verschil maken.

Bij het verduurzamen binnen een bestaande éénfase-aansluiting luistert de keuze van de installaties nauwer. Niet elke installatie past, en de combinatie van meerdere grootverbruikers kan de grens overschrijden.

Bron: Techniek Nederland & Stroomversnelling, All-electric binnen de bestaande aansluiting, juli 2026

Warmtepomp

01

Beperk het warmteverlies

Hoe lager het warmteverlies, hoe kleiner de warmtepomp hoeft te zijn en hoe lager de piek in het stroomverbruik. Isoleren, kieren dichten, en zorgen voor zuinige ventilatie.

02

Dimensioneer op warmteverlies en verlaag de aanvoertemperatuur

Stem het vermogen af op het warmteverlies van de woning. Kijk of lage temperatuur radiatoren of vloerverwarming de aanvoertemperatuur kunnen verlagen. Zo draait het systeem efficiënt en voorkom je onnodige pieken.

03

Investeer in goede inregeling

Een warmtepomp die niet goed is afgesteld verbruikt meer stroom en veroorzaakt hogere of vaker terugkerende pieken. Zorg voor voldoende luchtstroming en watercapaciteit, laat de pomp rustig moduleren, en draai ’s nachts niet of maar beperkt terug in het stookseizoen.

04

Voorkom ongewenste inzet van het elektrische back-upelement

Springt dat element ongewenst bij, bijvoorbeeld door een storing, dan veroorzaakt het een grote piek. Kies bij voorkeur een warmtepomp zonder back-upelement, of een element dat begrensd is tot maximaal een derde van het thermisch vermogen.

Inductiekoken

05

Stem de kookplaat af op de capaciteit van de aansluiting

Niet elke inductiekookplaat past op een éénfase-aansluiting. Een kookplaat met een perilex-aansluiting die over twee groepen verdeeld is — een tweefasen kookplaat — past wel op een 1 × 35 A-aansluiting.

06

Regel de kookplaat en de warmtepomp op elkaar

Zo krijgt de warmtepomp even minder stroom op het moment dat er veel kookvermogen wordt gevraagd, en blijft de woning binnen de grens.

Zonnepanelen

07

Begrens de omvormer op de aansluitwaarde

Kies een omvormer die de opwek tijdelijk kan verminderen om binnen de maximale aansluitwaarde te blijven, of begrens het maximale vermogen van de omvormer op de capaciteit van de huisaansluiting.

08

Kies waar mogelijk een oost-westopstelling

Daarmee wordt de opwek beter over de dag uitgespreid, in plaats van geconcentreerd rond het middaguur.

Elektrisch laden

09

Geen laadpaal zonder (dynamische) load balancing

Laden is een belangrijke oorzaak van het overschrijden van een éénfase-aansluiting. Een laadpaal met load balancing gebruikt alleen het vermogen dat op dat moment nog beschikbaar is.

10

Houd rekening met een sterke beperking van het laadvermogen

Vooral bij 1 × 25 A is het laadvermogen beperkt. Bij een woning met een warmtepomp die in de winter veel stroom vraagt, is de combinatie met een laadpaal in de meeste gevallen niet wenselijk. Stem de verwachtingen daarover vooraf af.

Regeltechniek en meterkast

11

Energiemanagement en/of slimme installaties

Een energiemanagementsysteem, slimme installaties of een regeling tussen twee grootverbruikers vlakken de pieken af. Dat helpt ook om meer eigen opgewekte stroom zelf te gebruiken, en om de rekening te verlagen bij een dynamisch contract — en vanaf 2029 ook bij tijdsafhankelijke transporttarieven.

12

Plaats zware groepen zorgvuldig in de groepenkast

Een warmtepomp, zonnepanelen en een laadpaal kunnen langere tijd zwaar belast worden, waardoor warmte ontstaat in de verdeelinrichting. Plaats die groepen bij voorkeur niet direct naast elkaar.

Thuisbatterij

13

Een thuisbatterij lost de overschrijdingen meestal niet op

Als woningen over de grenzen van hun éénfase-aansluiting gaan, doen ze dat meestal op een manier die een consumentenbatterij niet voorkomt. Een batterij kan wel om andere redenen aantrekkelijk zijn: het optimaliseren van de inkoop en het verhogen van het zelfverbruik van zonnestroom.

Detail van een verdeelinrichting: installatieautomaten, aardlekschakelaars en gekleurde aansluitdraden.
De verdeelinrichtingVan dichtbij
Regeltechniek

Drie manieren om gelijktijdige pieken te voorkomen.

Bij het combineren van meerdere grootverbruikers op een éénfase-aansluiting wordt regeltechniek belangrijker. Vanwege netcongestie, maar ook bij dynamische energiecontracten en — naar verwachting — bij de introductie van tijdsafhankelijke transporttarieven.

01

Device balancing

Installaties zoals laadpalen of batterijen laten hun gedrag afhangen van het overige stroomverbruik en de opwek van de woning. Ook warmtepompen kunnen dat in toenemende mate, bijvoorbeeld voor het opwekken van warm tapwater.

02

Regeling tussen twee installaties

Een regeling tussen twee grootverbruikers — bijvoorbeeld tussen een inductiekookplaat en een warmtepomp — om gelijktijdige pieken te voorkomen.

03

Energiemanagementsysteem (HEMS)

Een Home Energie Management System stemt het gedrag van meerdere installaties op elkaar af, om het energieverbruik en de energiekosten te beperken.

Bron: Techniek Nederland & Stroomversnelling, All-electric binnen de bestaande aansluiting, juli 2026

Luchtfoto van een dicht bebouwde Nederlandse stadskern met honderden pannendaken naast elkaar.
Netbewust renoveren

Elke woning kan passen, en de straat toch niet.

Wat dit niet zegt

De grenzen van deze conclusie.

Een woning is niet een wijk

Wanneer meerdere huishoudens in een buurt binnen hun bestaande aansluiting verduurzamen, kan er alsnog een probleem ontstaan in het lokale elektriciteitsnet. Bij grotere projecten is het aan te raden de netbeheerder te informeren en zo netbewust mogelijk te werken.

1 × 25 A vraagt om rekenwerk, niet om een vuistregel

Bij een 1 × 25 A-aansluiting moet per woning nauwkeurig worden bepaald of een all-electric warmtepomp mogelijk is. Regeltechniek is daarbij in ieder geval nodig.

Een HEMS verruimt de aansluiting niet

Regeltechniek verdeelt het vermogen dat er is. Het verhoogt de capaciteit van de aansluiting niet, en het maakt niet elke woning geschikt.

De indicaties zijn indicaties

De tabellen hierboven komen uit gepubliceerd onderzoek en zijn nadrukkelijk bedoeld als indicatie. De exacte configuratie moet per woningtype en renovatieconcept technisch worden beoordeeld.

WoCoDa 2027

Bekijk hoe aardgasvrij op 1 fase er in de praktijk uitziet.

Wilt u weten hoe we dit concept samen kunnen realiseren? Kom langs op onze stand tijdens WoCoDa 2027. We laten de opbouw zien, de sturing, en waar de grenzen liggen.

Standnummer, datum, locatie en de deelnemende partijen maken we hier bekend zodra die vaststaan.
Contact

Welke woningen in uw bezit zouden op 1 fase aardgasvrij kunnen worden?

Laten we samen bekijken waar de technische en financiële mogelijkheden liggen.

Wat helpt om mee te sturen

Woningtype, bouwjaar, oppervlakte, de huidige aansluiting en de isolatiestaat van de schil. Met die vijf kunnen we het gesprek meteen concreet maken.

Wat u van ons krijgt

Een inhoudelijk gesprek over uw complexen, niet een verkooptraject.

Met wie u doorbouwt

Waar mogelijk met de installatiepartners waarmee u al werkt.

Bronnen

Waar de cijfers op deze pagina vandaan komen.

Deze pagina steunt op openbaar gepubliceerd onderzoek. De meetgegevens, de tabellen en de praktijktips zijn overgenomen uit de eerste publicatie hieronder.

01

All-electric binnen de bestaande aansluiting

Techniek Nederland & Stroomversnelling, juli 2026

De whitepaper waar de meetgegevens, de tabellen en de dertien praktijktips op deze pagina uit komen.

02

Netbewust Renoveren en Elektrificeren

Vereniging De Brede Stroomversnelling, in opdracht van het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, 20 januari 2026

Over wat er gebeurt als een hele buurt tegelijk elektrificeert.

03

Strategisch kiezen van duurzame installaties

Aedes, Techniek Nederland, Bouwend Nederland, OnderhoudNL en Stroomversnelling, versie 1.1, mei 2023

Achtergrond bij de installatiekeuze op portefeuilleniveau.

04

Kansen achter de meter

Vereniging De Brede Stroomversnelling, in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, 22 juni 2026

Wanneer kunnen woningen verantwoord elektrificeren achter de bestaande aansluiting?

aardgasvrijop1fase.nl is een initiatief van een aantal partijen die actief zijn binnen de woningcorporatiesector, en is niet verbonden aan de uitgevers van deze publicaties. We verwijzen ernaar omdat het openbaar beschikbaar onderzoek is dat het beeld onderbouwt dat wij in de praktijk zien. De cijfers blijven van de oorspronkelijke auteurs; de interpretatie op deze pagina is van ons.